artikel

Het nieuwe samenwerken: management en vakspecialisten

Organisatie

Mede ingegeven door nieuwe trends zoals individualisering, diversiteit, nieuwe technologieën, digitalisering en nieuwe vormen van werken is de tijd voor het vinden van nieuwe manieren van multidisciplinair samenwerken aangebroken. De verwachting is dat in de veranderende organisatiewereld de impact van vakspecialisten op strategisch organisatieniveau zal toenemen. De traditionele rol van het management zal afnemen. Het […]

Het nieuwe samenwerken: management en vakspecialisten

Mede ingegeven door nieuwe trends zoals individualisering, diversiteit, nieuwe technologieën, digitalisering en nieuwe vormen van werken is de tijd voor het vinden van nieuwe manieren van multidisciplinair samenwerken aangebroken.

De verwachting is dat in de veranderende organisatiewereld de impact van vakspecialisten op strategisch organisatieniveau zal toenemen. De traditionele rol van het management zal afnemen. Het credo ‘meten is weten’ gaat plaats maken voor ‘kennen is weten’. In de jaren negentig was het paradigma Management Development (MD) in zwang voor leiderschapsontwikkeling, maar het is nu de hoogste tijd geworden voor Specialist Development (SD) – een nieuw en zelfstandig vakgebied dat in ontwikkeling is. Volgens de auteur is er een cruciale paradigmashift aan de gang binnen organisaties. SD laat een nieuwe vorm van leiderschap zien voor innovatieve organisaties waardoor de zeggenschap aan het verschuiven is van managers naar vakspecialisten. Sterker nog: het streven is om te komen tot een gelijkwaardige erkenning van vakspecialisten en managers. Dat zal een verreikende cultuurverschuiving en organisatieverandering betekenen. In Het nieuwe samenwerken passeren vier toekomstvisies van Ineke van der Ploeg de revue die deze paradigmashift moeten voeden: het specialistenperspectief, organisatieperspectief, managementperspectief en trainersperspectief die allemaal een constructieve bijdrage leveren aan de SD-leerprocessen.

Haar betoog over het specialistenperspectief geeft niet alleen een generiek beeld over de sterke en zwakke kanten waarover vakspecialisten doorgaans beschikken, maar ook over de vaardigheden en competenties die nodig zijn voor de toekomstige manier van werken – of liever gezegd het multidisciplinair en het transdisciplinair samenwerken. Zelfkennis hebben als vakspecialist is de sleutel tot succes. Veelvoorkomende prijzenswaardige eigenschappen van vakspecialisten zijn: liefde hebben voor het vak, beschikken over inhoudelijke en persoonsgebonden kennis, voorkeur hebben voor zelfsturing en onvoorwaardelijke toewijding hebben. Het komt erop neer dat hun grondhouding verbeteringsgezind is. Daarentegen ontbreekt het vakspecialisten vaak aan effectieve communicatievaardigheden. Bij hen voert inhoudelijke kennisoverdracht de boventoon, terwijl de persoonlijke en emotionele kant verwaarloosd blijken te zijn. Een andere bekende valkuil die hen parten speelt, is valse bescheidenheid waardoor ze zichzelf tekortdoen.

Organisaties zijn tegenwoordig veel te complex om enkel en alleen hiërarchisch geleid te worden. Leiderschap moet multidisciplinair en vereist communicatie over en weer tussen hiërarchisch leiderschap, veranderleiderschap en kennisleiderschap. In het hoofdstuk over het organisatieperspectief houdt de auteur een steekhoudend pleidooi voor vakspecialisten als zijnde de nieuwe strategen die ervoor gaan zorgen dat een organisatie van binnenuit verandert. Maar voor het kunnen opereren op strategisch organisatieniveau zal de vakspecialist naast inhoudsdeskundige en adviseur, kennis en vaardigheden moeten bijspijkeren om ook de functie van verbindingsofficier te kunnen vervullen. Door vakspecialisten veel eerder bij besluitvormingsprocessen te betrekken, ontstaat automatisch meer zeggenschap op strategisch niveau. Het SD-model dat op wetenschappelijke leest geschoeid is, biedt een transparant leerproces om de extra vaardigheden nodig voor deze nieuwe uitdaging te trainen. Het heeft veel weg van een spannende ontdekkingsreis.

De drie grootste uitdagingen voor managers in deze tijd van turbulente marktontwikkelingen zijn: flexibel kunnen inspelen op klantbehoeften, supergespecialiseerde kennis vergaren en vakspecialistische toptalenten rekruteren. Kortom, het managementperspectief is aan het veranderen, zeker als het gaat om het situationeel leiding kunnen geven aan ‘eigenwijze’ vakspecialisten. Vanuit het gezichtspunt van de manager zijn er ruwweg vier typen vakspecialisten te herkennen aan hun voorkeursstijl: de introverte inhoudelijke vakman (dromers), de innovatiegedreven expert die verbeteringen nastreeft (denkers), de mensgerichte specialist die inzetbaar is als vertrouwenspersoon (doeners) en de marktontwikkelaar geschikt als ondernemend specialist (durfallen). Elk type kent zijn beperkingen en het is de kunst van de hedendaagse manager om oog te hebben voor het individu en daarvoor een passende benadering te kiezen die succesvol is.

In het laatste hoofdstuk van het boek behandelt de auteur het trainersperspectief. Het werken als trainer met vakspecialisten betekent: leren omgaan met weerstand. In dit deel komen de drie didactische principes van het SD-model uitgebreid ter sprake. Het komt erop neer hoe je als trainer vorm gaat geven aan de persoonlijke, professionele en collectieve ontwikkeling van vakmensen. De bedoeling van het hele SD-leerproces is om specialisten te begeleiden naar een grotere mate van zelfsturing door didactisch te kiezen voor een participerend leerproces dat niets anders is dan een cocreatie van trainers en deelnemers met een mengeling van ontdekkend leren en de kunst van het afkijken. Uiteindelijk zal deze nieuwe ontwikkeling een categorie specialisten opleveren die zichtbaar zijn binnen een organisatie, nieuwe terreinen zullen verkennen in en buiten zichzelf en met nieuwe ideeën zullen komen.

Ten slotte, in Het nieuwe samenwerken met als subtitel management & vakspecialisten breekt Ineke van der Ploeg een lans voor het doorbreken van de managementmythe om de vakspecialist in organisaties een meer prominentere rol te geven – niet alleen op operationeel en tactisch organisatieniveau maar ook op strategisch niveau. Het boek is een aanbeveling voor managers die een duidelijker beeld willen krijgen hoe optimaal om te gaan met in hun ogen drammerige, contactgestoorde, solistische, te detaillistische en perfectionistische vakspecialisten.

Door: Louis Thörig. Thörig is verbonden als thesisbegeleider aan de afdeling Organisatiewetenschappen, Faculteit Sociale Wetenschappen, Vrije Universiteit Amsterdam en als docent Corporate Communicatie aan de Hogeschool InHolland.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels