artikel

De groep als sociale leeromgeving

Organisatie

Mensen leren wat normaal is in een gegeven situatie door het gedrag van anderen in de groep te observeren. Wanneer collega’s regelmatig te laat komen of vroeger weg gaan zonder dat zij daarop worden aangesproken, dan zal een nieuweling dit overnemen. Niet direct, maar als het een keer privé goed uitkomt. Zij leren vooral van gedrag in de directe omgeving en van mensen met meer status en invloed, zoals oudgedienden of leidinggevenden.

De groep als sociale leeromgeving

Zelf ervaren wat de consequenties van dat gedrag zijn, is niet noodzakelijk: het gedrag wordt overgenomen door het te zien bij anderen. Zien
hoe een leidinggevende een ander behandelt, is een les voor hoe jij je wel/ niet zult gedragen. Leidinggevenden zijn belangrijke rolmodellen voor wat normaal gevonden wordt.

De groep is als directe sociale omgeving van invloed op hoe medewerkers naar de organisatie kijken en hoe zij zich gedragen: zowel positief als
negatief. In een groep waar negatief gedrag ‘normaal’ is, zal een individu zich overeenkomstig gaan gedragen.

Een voorbeeld van positieve invloed van de groep is: een team servicemedewerkers dat ondanks bezuinigingen de klant goed helpt. Of het invallen
voor een collega als dat noodzakelijk is.

Een voorbeeld van negatieve invloed van de groep is: een jonge docent  die het kwaadspreken over het management overneemt van zijn collega’s,
zonder dat hij zelf negatieve ervaringen heeft met zijn leidinggevende. Er zijn drie perspectieven om te begrijpen hoe dit werkt.

Gedrag sluit aan bij de groep

Veel mensen zijn geneigd hun houding en gedrag te laten aansluiten bij de omgeving waarin zij werken (attraction-selection-attribution perspective). Voorbeelden zijn: manier van kleden, taalgebruik (wel of niet aanspreken met voornamen) en manieren van met elkaar omgaan bij GVB, NS, een bank, een fabriek of in een zorginstelling.

Mensen gebruiken informatie uit hun directe sociale omgeving om gebeurtenissen te interpreteren, hun houding te bepalen en te voldoen aan
verwachtingen over hun gedrag en de consequenties daarvan (social information processing theory). Voorbeelden zijn: wanneer het niet-nakomen
van afspraken kennelijk geen consequenties heeft, dan neem je dat over. Wanneer een kritische vraag stellen in een teamvergadering tot afkeuring
leidt, leert diegene zijn mond te houden.

Mensen bootsen het gedrag van rolmodellen in hun omgeving na (social learning theory). Voorbeeld: als leidinggevenden zich hier niet aan de regels houden, hoeven wij dat ook niet. Een ander voorbeeld is het checken van de e-mail tijdens vergaderingen: als de senior collega’s dat doen, zullen hun jongere collega’s zich ook daaraan schuldig maken.

Bron: Leren interveniëren in verwaarloosde organisaties

Door: Joost Kampen

Het boek: Leren interveniëren in verwaarloosde organisaties

Tien jaar werken met het concept van de ‘verwaarloosde organisatie’ heeft zoveel cases opgeleverd dat het doorgeven van de lessen uit de geleefde werkelijkheid een logische stap is. Leren Interveniëren in Verwaarloosde Organisaties is bedoeld als tutorial, om het zelfstandig leren interveniëren in verwaarloosde organisaties voor organisatieprofessionals mogelijk te maken.

Reageer op dit artikel