artikel

Margriet Sitskoorn: ‘Je blijft je ontwikkelen tot aan je dood’

Persoonlijke groei

Delen van informatie met mensen, werkt beter dan salarisverhoging!

Margriet Sitskoorn: ‘Je blijft je ontwikkelen tot aan je dood’

Hoogleraar klinische neuropsychologie Margriet Sitskoorn (zie foto) is een van de sprekers op het 18e Nationaal Kwaliteitscongres dat op donderdag 22 mei in Burgers’ Zoo, Arnhem gehouden wordt. Sitskoorn richt zich onder andere op het veranderen van (automatisch) gedrag door het beïnvloeden van de hersenen. Gedrag is in haar optiek niet statisch, maar voortdurend aan verandering onderhevig.

‘Onze hersenen bepalen hoe we waarnemen, hoe we ons voelen, maar ook hoe we ons gedragen. Het lijkt erop dat we stil staan, maar er is zoiets als hersenplasticiteit. Informatie uit de buitenwereld heeft invloed op onze hersenen en dus op onze waarneming, op ons gevoel of op ons gedrag. Door veranderingen in onze omgeving, ontstaan veranderingen in onze hersenen: er worden andere verbindingen gelegd waardoor nieuwe netwerken ontstaan. Hierdoor leer je nieuwe dingen waardoor de hersenen weer veranderen en nieuwe netwerken aangaan. Zo ben je voortdurend in wording. Je blijft je ontwikkelen tot je dood.’

Dit proces van beïnvloeding van de hersenen door de omgeving gaat meestal onbewust, maar we kunnen ook bewust ons gedrag en dus onze hersenen vormen. Voor de kwaliteitsmanager is dit goed nieuws. Het betekent dat hij of zij niet alleen het eigen gedrag kan beïnvloeden, maar ook dat van de medewerkers. Sitskoorn: ‘Het besef dat je kunt veranderen, dat je goed gedrag kunt vertonen, is belangrijk. Vervolgens moet je wel weten welk gedrag je wilt afleren, en belangrijker nog, welk gedrag je wilt aanleren. Als je dat eenmaal weet, dan kun je dat gewenste gedrag gaan vertonen. Het is belangrijk dat je het steeds weer herhaalt.’

Dit lijkt makkelijker dan het is. Onze hersenactiviteit kost veel energie. Dat is de reden dat we liever handelen op de automatische piloot. Als we echt het goede willen doen, zoals Sitskoorn dat noemt, moet het genotsysteem worden geprikkeld. Ook is het belangrijk dat de prefrontale hersenschors goed is ontwikkeld. In dit gedeelte van de hersenen zetelen de hogere competenties als plannen, verantwoordelijkheidsgevoel, standvastigheid en flexibiliteit. ‘De frontale hersenschors kun je ontwikkelen door kleine taken tot een goed einde te brengen. Bijvoorbeeld door één keer per week naar de gym te gaan.’

Volgens Sitskoorn kun je ook de hersenen van anderen vormen en hun gedrag beïnvloeden. Daarvoor moet je rekening houden met vijf sociale domeinen: erbij horen, status, zekerheid, autonomie en eerlijke behandeling. ‘Als je bijvoorbeeld informatie met mensen deelt, krijgen ze het gevoel dat zij erbij horen en dat verhoogt hun status. Hierdoor wordt hun genotsnetwerk in de hersenen geprikkeld en zijn ze eerder geneigd om gewenst gedrag te vertonen. Dat werkt veel beter dan salarisverhoging!’

Op het 18e Nationaal Kwaliteitscongres zal Sitskoorn uitgebreid ingaan op het beïnvloeden van het eigen, maar ook andermans gedrag.
Tekst: Mariët Ebbinge

Reageer op dit artikel