artikel

De houding van de adviseur

Persoonlijke groei

Een belangrijke blokkade om effectief te adviseren is een verkeerde houding. Het is niet voldoende om inhoud, gesprekstechnieken en adviesstrategieën te beheersen. Zonder een passende houding zal de adviseur nog steeds niet effectief zijn. Er is een aantal houdingsaspecten van belang voor de adviseur. Het ontbreken daarvan in de praktijk kan hem parten spelen.

De houding van de adviseur

Positieve energie

Tegen de stroom in zwemmen kost veel energie. Zwemmers die een rivier oversteken doen dat doorgaans diagonaal met de stroom mee. Wie per se recht wil oversteken, gebruikt meer energie dan nodig is. Deze energie is dan niet meer beschikbaar voor andere doeleinden. Wie bij Bazel in de Rijn stapt en met de stroom mee zwemt, komt in Rotterdam uit. Wie bij Bazel in de Rijn stapt en stroomopwaarts zwemt komt ook in Rotterdam uit, maar is veel vermoeider dan de eerste zwemmer.

Sommige doelstellingen zijn voor de interne adviseur even onhaalbaar als de bronnen van de Rijn voor de zwemmer uit Bazel. En er bestaat een variëteit aan weinig efficiënte manieren om aan doelstellingen te werken, manieren die meer energie kosten dan nodig is. Energie heeft de neiging datgene te scheppen waarop zij gericht is. Dat geldt zowel voor positief als negatief gerichte energie. Positieve energie is gericht op wat men wel wil, negatieve energie op wat men niet wil.

De self-fullfilling prophecy en de adviseur

Bekend is het verhaal van de dame die een tante op bezoek krijgt met een heel grote neus. Ze is doodsbenauwd dat haar zoontje iets over die neus zal zeggen. Van tevoren prent ze hem in om niets over die neus te zeggen. Als tante arriveert, ziet ze zoontje steeds naar de neus kijken. Ze is dodelijk ongerust. Als hij nu maar niets over die neus zegt! Dan schenkt ze thee in en vraagt: ‘Tante, gebruikt u suiker in uw neus?’ Dit verhaal illustreert waar een obsessie met niet-gewenste zaken toe leidt. Juist datgene wat men niet wenst, wordt gerealiseerd. Zolang de adviseur gericht is op wat hij niet wil, realiseert hij wat hij niet wil. Dit is het mechanisme van de self-fulfilling prophecy.

Een adviseur op het gebied van milieu vindt dat zijn bedrijf schandelijk weinig voor het milieu doet. Hij laat niet na dat bij iedere gelegenheid naar voren te brengen. Als het bedrijf milieumaatregelen overweegt, vindt hij altijd dat die maatregelen niet ver genoeg gaan. Hij steekt dat niet onder stoelen of banken en verbindt er de conclusie aan dat men niet echt iets aan het milieu wil doen. Men betrekt hem dan ook niet graag bij nieuwe plannen. Hij heeft immers alleen maar kritiek, en draagt niets constructiefs bij. Uit het feit dat men hem niet onmiddellijk overal bij betrekt concludeert de adviseur weer dat men geen ernst maakt met milieuoverwegingen. Een tweede adviseur vindt eveneens dat zijn bedrijf te weinig aan milieu doet. Hij pakt het anders aan. leder initiatief op milieugebied wordt door hem toegejuicht. Zijn adviezen bevatten voor het bedrijf haalbare stappen. Wanneer de directie met milieuplannen in de pers verschijnt, doet hij daar niet negatief over maar bedenkt nog meer publiciteitsmogelijkheden. Kennelijk is dat immers iets wat de directie aanspreekt. Omdat hij zich positief opstelt betrekt met hem graag bij nieuwe plannen.

Negatieve houding? Uitgeschakeld

De eerste adviseur gebruikt negatieve energie. Hij richt zich op wat hij niet wil, namelijk handhaving van de status quo. Door deze manier van adviseren is hij bezig te bewijzen dat verbetering niet mogelijk is. Bovendien schakelt hij zichzelf op deze wijze uit. De tweede adviseur gebruikt positieve energie. Hij richt zich op de verbeteringen die hij tot stand wil brengen. Stapsgewijs lukt dat.

Is kritiek dan altijd uitgesloten? Nee, binnen een positief kader is kritiek heel goed mogelijk en ook constructief. Heeft de adviseur al acceptatie van zijn persoon bereikt, dan kan hij zeker kritiek geven. Een positief effect wordt daarmee alleen bereikt als de kritiek niet primair gericht is op afkraken, maar op verbeteren.

Positief zorgt voor effectiviteit

Positieve energie is een voorwaarde voor effectiviteit. Veel energie gaat verloren met tegen de stroom van de organisatie in te zwemmen. Met een rivier kan veel gedaan worden. Hij kan worden gekanaliseerd. Er kunnen sluizen en stuwen in worden gebouwd. De loop kan worden verlegd. Eén ding is echter onmogelijk: water kan niet tegen de zwaartekracht in stromen. Alle energie die dat beoogt is niet alleen tot falen gedoemd, maar zal zich zeer waarschijnlijk tegen de adviseur zelf keren.

Negatieve en positieve energie worden geïllustreerd door de reactieve en de pro-actieve opstelling:

Reactief vs pro-actief (klik voor groter)

Reactief vs pro-actief (klik voor groter)

Het zal duidelijk zijn dat de proactieve opstelling leidt tot grotere effectiviteit. Terwijl de reactieve adviseur zijn energie steekt in klagen, vermijdingsgedrag en verzet, besteedt de proactieve adviseur zijn energie aan het bereiken van doelen.

Bron: Adviseren als tweede beroep

Door: Hannah Nathans

Het boek: Adviseren als tweede beroep

Ideeën in de organisatie geaccepteerd te krijgen. Voor veel staf- en beleidsmedewerkers die goed zijn in hun vak, blijft dit nog steeds een groot struikelblok. En dat is jammer, want vaak is het hun taak vanuit hun discipline een bijdrage te leveren aan de organisatie. Wanneer ze echter niet over de vaardigheden beschikken om invloed uit te oefenen, gaat die bijdrage verloren. Eigenlijk is adviseren dan ook het tweede beroep van staf- en beleidsfunctionarissen.

 

Reageer op dit artikel