artikel

De Hollandse School van Veranderkunde

Verandermanagement

Mijmeringen over de praktijk van Hollandse veranderaars.

De Hollandse School van Veranderkunde

Onlangs vond de goed georganiseerde en inspirerende boekdoop plaats van het laatste boek van Leike van Oss en Jaap van ’t Hek Onderweg. Pragmatisch veranderen in robuuste organisaties. Een ‘must read’ voor alle collega’s overigens. Goed geschreven, heldere compositie, fraaie nieuw bedachte termen (bijv. veranderbestelling, bedoelingengedoe) en een doorwrochte poging hun gedachtegoed transparant toegankelijk te maken voor de community van veranderaars. Hulde!

Staande op de trap van Villa Jongerius introduceerde Jaap met overduidelijke pretoogjes de idee van het bestaan van ‘De Hollandse School: een ‘community of practitioners’ die staan op de schouders van grote voorgangers en voortbouwen op elkaars werk. Terugrijdend naar huis mijmerde ik geïntrigeerd over dit idee. Wat is de communis opinio binnen de Hollandse School? Een aantal kenmerken kwamen direct voor de geest.

Niet bij ideeën alleen!
De eerste opvatting die veel veranderaars in de Hollandse School delen is dat het in de praktijk zelden misgaat op het veranderidee. Waarom de verandering er moet komen? Wat is het nut en de noodzaak en de al dan niet gevoelde urgentie? Wat moet er in de organisatie vervolgens gebeuren? Meestal hebben we daar wel een doorwrocht idee bij. Tools voor diagnose en analyse te over! En als we het veranderidee zelf niet voldoende scherp krijgen, dan zijn er nog altijd externen die ons daar maar al te graag bij helpen. Nee, het veranderidee verwoorden is niet de grootste veranderopgave. Niet dat het nooit misgaat, maar vergeleken met de complexiteit en taaiheid van het veranderproces is niet het veranderidee onze grootste uitdaging. De fundamentele veranderkundige vraag is veel meer hoe we het idee levend krijgen, van het papier af. Weten we het idee te vertalen naar nieuwe individuele en collectieve gedragspatronen en werkpraktijken?

Hedendaags Weickiaans!
In de Hollandse School is een gedeelde mening dat veranderideeën met al hun prachtige strategische slagwoorden veelal over de hoofden van de medewerkers en managers heen gaan. Cliëntregie, een inclusieparticipatiemaatschappij, bijdragen aan een circulaire economie, niets mis mee, … maar nog niet bepaald heldere gedragsinstructies. Aan deze inhoud moet nog duidelijk betekenis worden verleend! Want mensen handelen niet op basis van een objectieve werkelijkheid, maar op basis van hun ‘definitie van de situatie’. Wij moeten de wereld waarin wij leven duiden, van betekenis voorzien. Dat doen we in interactie met elkaar. Zo produceren wij zelf onze ideeënwereld en dus kunnen wij die ook zelf veranderen. Zonder het faciliteren van processen van betekenisverlening tussen Veranderkundede verschillende betrokken partijen komt veranderen niet van de grond. We doen het wellicht allemaal op verschillende manieren, maar het sociaal constructionisme is een gemeenschappelijk vertrekpunt?!

Niet lullen, maar intelligent klooien!
Mensen zijn resultaatgericht en bepalen hun gedrag op basis van wat werkt. Van Oss en Van ’t Hek (2014) verwoorden het mooi wanneer zij stellen dat organisatiegedrag veel meer het product is van pragmatiek en pragmatische keuzen, dan van slimme en doordachte ontwerpen. Ons gedrag is gebaseerd op ervaring en bestaat uit ingesleten routines. Het veranderidee moet dus landen in robuuste werkpraktijken die bewezen effectief zijn. Als Hollandse veranderaars vinden we het dan vanzelfsprekend dat het oorspronkelijk idee gedeukt, gebutst, vervormd raakt. Het bestaande werkt, is evidence based, succesvol en vertrouwd. Het nieuwe nog niet in de praktijk getest. Het is een virtueel en conceptueel prototype waarvan nog maar moet blijken of het werkt. Kortom, het veranderidee is een abstractie, de werkpraktijk gebaseerd op ervaring. We zoeken, knutselen, frommelen, experimenteren hoe de verandering en het dagelijkse werk zich tot elkaar verhouden. Het blijft tobben! Korter kun je dit pragmatische proces niet verwoorden.

Emoties hebben voorrang!
In de Hollandse School worstelen we ten slotte met het inzicht dat veranderkunde een intentioneel rationeel vak is. We weten echter ook dat in individuele en collectieve gedragsverandering emoties heftig in het geding zijn. Het verlaten van de gedragsrotonde gaat gepaard met basale emoties als bang, boos, verdriet en plezier. Schieten we als willoze ballen door de flipperkast of is bijsturing mogelijk? Ontwikkelingen in de neurologie maken duidelijk dat emoties van rechts komen en voorrang hebben. Het bewuste weloverwogen kiezen, zelfcontrole, blijkt mogelijk, maar is een sterk begrensd vermogen. Het kost veel energie en we raken snel uitgeput. Waarna de emoties het weer overnemen. Wordt de urgentie niet sterk gevoeld? Is de werkdruk in de organisatie hoog? Hebben de betrokken partijen last van stress? Moet er veranderd worden in hiërarchische machtsrelaties? Dan is de kans op verandering laag en draaien we liever rondjes op onze rotonde.

Denken over emoties is leuk, maar wellicht veranderkundig niet zo handig. In de Hollandse School zijn we op zoek naar in een situatie passende interventies die inhoud en betekenis, denken en gevoel verbinden. Interventies die meer plezier geven dan wel angst vermijden. Die direct binnen komen en het emotionele platform raken op een verandering bevorderende manier. Nog niet zo eenvoudig!

Zie hier mijn eerste mijmeringen over en aanzet voor gezamenlijke uitgangspunten voor de ‘community of practice’ van Hollandse veranderaars. Zo omschreven voel ik mij wel thuis en ben ik trots als ik toegelaten wordt als een van de spelers in De Hollandse School.

Marco de Witte, www.marcodewitte.nl

Verandermanagement boekentips:

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels