artikel

Kansen voor ziekenhuizen bij realisatie zorgcentra

Zorgmanagement

Ziekenhuizen kunnen een belangrijke rol spelen in de totstandkoming van gezondheidscentra. Door deze betrokkenheid kan meer grip worden verkregen op de zorgvraag die op de eerstelijnszorg volgt.Voor zorgverleners in de eerste lijn kan samenwerking met een ziekenhuis ook aantrekkelijk zijn, onder meer vanuit een financieel oogpunt. Een win-winsituatie dus.

De effecten van marktwerking in de gezondheidszorg worden langzaam zichtbaar. De strijd om de consument en het creëren van een zo goed mogelijke marktpositie nemen aan belang toe. Na de zorgverzekeraars buigen ook steeds meer ziekenhuizen zich over de vraag hoe zij de consument voor zich kunnen winnen. Ketenzorg, integratie in de bedrijfskolom biedt een mogelijkheid om meer vat te krijgen op de stroom zorgvragende consumenten. De eerstelijnszorg speelt hierin een belangrijke rol, doordat zij in grote mate bepaalt hoe de zorgvraag verder wordt ingevuld. Een goede samenwerking tussen ziekenhuis en deze eerstelijnszorg kan de positionering van het ziekenhuis verbeteren en de grip op de patiëntenstroom verstevigen.
Hoe verbindt u deze eerstelijnszorg aan uw organisatie? De financieringsconstructie die in dit artikel wordt toegelicht, is een van de middelen om alle betrokkenen – het ziekenhuis, de eerstelijnszorgaanbieders, maar ook andere partijen zoals gemeenten – voordelen te bieden.

Zorgcentra hebben de toekomst
De politieke en maatschappelijke context van eerstelijnszorg is de laatste jaren veranderd. Naast de marktwerking spelen nog een heleboel andere zaken een rol.
De fulltime werkende eerstelijnszorgondernemers maken meer en meer plaats voor parttime beroepsbeoefenaars. In dat kader wordt samenwerking gezocht met zorgverleners en wordt de aan huis gekoppelde praktijk steeds zeldzamer. Over het onroerend goed en alles wat daarbij betrokken is, wenst de beroepsbeoefenaar zich geen zorgen te maken. Daarnaast gaat de voorkeur van de consument uit naar concentratie van zorgvoorzieningen.
Maar ook de aard van de zorgvraag verandert, als gevolg van de vergrijzing en de groei van het aantal patiënten met chronische aandoeningen. Deze groep is bijvoorbeeld gebaat bij de vorming van zorgketens, waarin voor een bepaalde aandoening aansluitende dienstverlening wordt geboden over de grenzen van disciplines, organisaties en sectoren heen.
De trend is duidelijk. Zowel consumenten, zorgondernemers als ook het ministerie van VWS en brancheorganisaties willen het liefst gezondheidscentra met meer disciplines bij elkaar. Dat is een logische gedachte. Iedere discipline heeft haar eigen aandachtsgebied, maar uiteindelijk draait het om een goede samenwerking tussen de disciplines teneinde een optimaal resultaat voor de consument te bereiken.

De winst van het onder één dak brengen van diverse specialismen in de eerstelijnszorg zit in het gemak waarmee kennis, ervaringen en vaardigheden kunnen worden uitgewisseld. Bovendien past dit in het beleid van scheiden van wonen en zorg. De aanleg van nieuwe wijken en de herstructurering van bestaande wijken biedt gemeenten en zorgverzekeraars een goede gelegenheid te inventariseren, waar en op welke manier deze eerstelijnszorg het beste kan worden aangeboden.
Het realiseren van die wens betekent in de praktijk dat een beroep wordt gedaan op de inventiviteit van de zorgverzekeraars en de bereidheid van eerstelijnszorgverleners zich in een nieuw centrum te vestigen. Zo is het verkrijgen van adequate financiering voor nieuwbouwprojecten voor eerstelijnszorgcentra
(tegen gunstige condities) in de aanvangsjaren lastig. Daarnaast gaat aan de totstandkoming van dergelijke eerstelijnscentra een ingewikkeld en soms langdurig overlegproces tussen ondermeer de gemeente, zorgverleners en zorgverzekeraars vooraf. Waar de zorgverzekeraars en zorgverleners primair verantwoordelijk zijn voor voldoende zorgaanbod, spelen de gemeenten een meer faciliterende rol.

Gemeenten kunnen via eigen initiatieven en via het verlenen van vergunningen duidelijk sturen waar uiteindelijk de centra worden gebouwd. Ook kunnen zij vanuit hun verantwoordelijkheid uit hoofde van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) een inhoudelijke bijdrage leveren door in zo’n centrum een loket in te richten, waar alle noodzakelijke hulp kan worden aangevraagd. Soms gaat hun inbreng duidelijk verder en spelen ze een belangrijke financiële rol in de totstandkoming van gezondheidscentra, waardoor een versnelling van het proces wordt bereikt. Een voorbeeld hiervan is de totstandkoming van het centrum Carnisselanden in de gemeente Barendrecht (zie kader). Het idee voor het centrum ontstond toen het Rotterdamse verpleeghuis De Elf Ranken van Rotterdam naar Barendrecht moest worden verplaatst. Besloten werd tot het samenbrengen in één gebouw van diverse disciplines: naast het verpleeghuis met zorgwoningen en een polikliniek van het Ikazia ziekenhuis ook huisartsen, tandartsen, logopedisten, fysiotherapeuten, verloskundigen en een apotheek. Veel kleine zelfstandigen dus, met elk hun eigen wensen en eisen.

Financiering
Voor de realisatie van het centrum werd een stichting opgericht, waarin alle eerstelijnszorgverleners bestuurlijk participeren. De stichting trok de benodigde financieringsmiddelen aan. Deze verstrekte zij vervolgens één op één aan de individuele zelfstandige ondernemers. Daarbij trad de stichting op als geldgever
en traden de ondernemers als geldnemer op. De ondernemers zijn eigenaar geworden van de praktijkruimte. Het belang dat de gemeente hechtte aan de realisatie van het centrum blijkt uit het feit dat zij zich borg stelde voor de financiering die door de stichting bij de Bank Nederlandse Gemeenten werd aangetrokken. Daarmee konden de financieringskosten op een lager niveau uitkomen. Door zitting te nemen in de raad van toezicht van de stichting heeft de gemeente bestuurlijke invloed.
De gemeente heeft zich ook garant gesteld voor de verplichtingen van de individuele zorgondernemer ten opzichte van de stichting, waartegenover de vestiging van hypotheek staat. Wanneer een ondernemer niet meer aan de verplichtingen kan voldoen, zal de gemeente deze overnemen. Dan heeft zij de keuze uit een aantal opties, zoals het zoeken naar een andere zelfstandig ondernemer, die tegen de bestaande gunstige condities de opengevallen plaats inneemt, of het uitoefenen van de hypotheek en de verplichtingen aflossen uit de verkoop van de desbetreffende praktijk.
Voor de eerstelijnszorgondernemers is de constructie – waarbij het eigendom geheel of gedeeltelijk bij de zorgondernemer komt te liggen – aantrekkelijk. Zo kunnen zij gemakkelijk en tegen aanmerkelijk lagere kosten aan financieringsmiddelen voor hun praktijk komen. Daarmee kunnen ze eenvoudiger eigen vermogen opbouwen en – aangezien hun pensioenvoorziening voor een belangrijk deel bestaat uit de vrijval van de overwaarde van hun praktijk bij verkoop – tegen lagere kosten een goed pensioen opbouwen.

Rollen
Gemeenten zullen slechts incidenteel bereid zijn tot borgstelling gezien hun beperkte rol in de zorgverlening. Ook zorgverzekeraars zullen niet in alle gevallen samenwerkingsverbanden als deze willen ondersteunen.Wel is een tendens waar te nemen, dat zij steeds meer bereid zijn om te investeren in zorgcentra. Zo wil zorgverzekeraar Menzis binnen vijf jaar een franchiseketen van veertig tot vijftig gezondheidscentra beheren. Ziekenhuizen kunnen ook een belangrijke rol spelen in de verwezenlijking van een eerstelijnszorgcentrum. Het ziekenhuis kan de realisatie van een zorgcentrum koppelen aan zijn eigen bestaande locaties, bijvoorbeeld door de realisatie van een zorgboulevard, dan wel integreren in nieuw te bouwen locaties (poliklinieken).

Het kan voor een ziekenhuis, analoog aan de werkwijze die hiervoor is beschreven, aantrekkelijk zijn om zelf tot borgstelling over te gaan. Door een dergelijk commitment aan te gaan heeft de instelling meer mogelijkheden ervoor te zorgen dat patiënten naar haar worden doorverwezen. Bovendien kan zij meer sturen welke typen zorg in het centrum worden ondergebracht en daarmee een betere synergie met haar activiteiten bewerkstelligen.

Conclusie
De bereidheid van financiers om leningen te verstrekken zal bij de bovengenoemde financieringsconstructie groter zijn en de condities zullen gunstiger zijn dan wanneer de eerstelijnszorgondernemers zelf in hun financiering moeten voorzien. De hier geschetste constructie is een voorbeeld van de wijze waarop een ziekenhuis door te investeren in de samenwerking met een gezondheidscentrum zijn marktpositie kan verstevigen. Uiteraard is samenwerking ook met andere financieringsconstructies mogelijk. |

Carnisselande
Carnisselande is een snelgroeiende VINEX-wijk aan de rand van Barendrecht. De voorzieningen voor eerstelijnszorg maken onderdeel uit van een zorgcomplex, met onder meer een verpleeghuis, een polikliniek, huurwoningen en een aantal koopwoningen. Binnen het eerstelijns zorgcentrum hebben op een vloeroppervlak van 2.000 m2 zeven disciplines onderdak gevonden: huisartsenpraktijk, fysiotherapie, oefentherapie Cesar, logopedie, tandartsenpraktijk, apotheek en verloskunde. Ook het kantoor van de stichting OpMaat, de organisatie voor thuiszorg, heeft daar onderdak gevonden. De opening vond plaats in 2004. Alle ondernemers van het eerste uur zijn nog aanwezig.

Auteurs

Jan Klaassens is economisch onderzoeker respectievelijk accountmanager gezondheidszorg bij de Bank Nederlandse Gemeenten.

Marijke Geerdes-van Senden is marktmanager bij de Bank Nederlandse Gemeenten.

 

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels