artikel

Het non-concurrentiebeding in maatschapsovereenkomsten

Zorgmanagement

Maatschapsovereenkomsten tussen vrijgevestigde beroepsbeoefenaren, zoals medisch specialisten of fysiotherapeuten, kennen vrijwel altijd een non-concurrentieding. Dit beding krijgt betekenis op het moment dat een maat uittreedt en zijn praktijkdeel overdraagt aan een nieuwe (toetredende) maat of aan de blijvende maten. De maatschapsovereenkomst bepaalt dan meestal dat het de uitredende maat verboden is zich gedurende een bepaalde periode als specialist te vestigen of als specialist betrokken te zijn bij een (soortgelijke) praktijk binnen een bepaalde cirkel met als middelpunt de maatschapspraktijk. Van oudsher wordt die ‘bepaalde tijd’ en die ‘bepaalde cirkel’ vrij ruim ingevuld. Niet zelden wordt een termijn van 5 of 10 jaar gehanteerd. De modelmaatschapsovereenkomst van de Orde van Medisch Specialisten noemt als voorbeeld een termijn van 5 jaar. Met betrekking tot de territoriale beperking van het non-concurrentiebeding noemt dit model een cirkel met een straal van 10 of 20 kilometer met als middelpunt het ziekenhuis. In de praktijk wordt echter dikwijls een veel ruimere geografische reikwijdte gehanteerd, soms een straal van maar liefst 50 of zelfs 100 kilometer.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels