artikel

Wetsvoorstel EPD: Eerste Kamer stemt vandaag (mogelijk tegen)

Zorgmanagement

De Eerste Kamer behandelt vandaag de het wetsvoorstel voor een landelijk Elektronisch Patiëntendossier (EPD). Het ziet ernaar uit dat een meerderheid in de Eerste Kamer het voorstel gaat afwijzen. Zowel de VVD de PvdA als de SP hebben zich zeer kritisch over het voorstel uitgelaten. Samen hebben deze partijen een meerderheid. De grootste bezwaren richten zich op de risico’s op het terrein van betrouwbaarheid, veiligheid en het waarborgen van privacy. Huisartsenvereniging tegen Opvallend is ook dat een huisartsenorganisatie de Vereniging Praktijkhoudende Huisartsen zich eveneens tegen het voorstel hebben uitgesproken. Huisartsen vormen de grootste groep zorgverleners die al (veel) ervaring met het EPD hebben. De Vereniging Praktijkhoudende huisartsen vindt dat bij de invoering van een landelijk EPD een (te) groot aantal de mogelijkheid tot inzage in persoonlijke medische dossiers krijgt waarvan men nooit weet of ze compleet zijn. Inzage door andere instanties zoals verzekeraars en overheidsorganen kan volgens hen hooguit achteraf worden bestreden en niet gegarandeerd worden voorkomen. Deze vereniging is van mening dat het landelijk EOD het beroepsgeheim van huisartsen ondermijnt en daarmee één van de belangrijste professionele waarden aantast tegenover de patiënt, namelijk dat het vertrouwen dat verstrekte privégegevens en besproken problemen geheim blijven. KNMG: vóór EPD Volgens Zorgvisie zou een andere artsenorganisatie, de KNMG voorstander van het landelijk EPD zijn en hebben gepleit voor invoering. In haar brief van 10 maart 2011 wijst de KNMG erop dat het EPD juist wordt ingevoerd om de kwaliteit van zorg te verbeteren. Opvallend is het feit dat de KNMG de mogelijkheid tot landelijke uitwisseling lijkt te bagatelliseren. De organisatie schrijft dat de prioriteit van uitwisseling bij lokale en regionale gegevensuitwisseling ligt omdat die veruit het omvangrijkst en het belangrijkst is voor de dagelijkse zorg. Over de mogelijkheid tot landelijke beschikbaarheid van gegevens stelt zij dat dit ‘met name pull-gegevensverkeer in acute en spoedsituaties en situaties met een risico op discontinuïteit’ betreft. Dit moge zo zijn, maar daarmee is de onrust dat de mogelijkheid bestaat vanwege het feit dat er landelijk mogelijkheid tot inzage niet weggenomen. Evenmin gaat de KNMG in op het gevaar van misinterpretatie van gegevens, zeker niet als het straks mogelijk wordt dat ook patiënten rechtstreeks (zonder toelichting van hun arts)in hun dossier kunnen kijken. Maar ook tussen artsen onderling kan het gevaar van misinterpretatie ontstaan. De wijze van communiceren wordt volstrekt anders. Waar vroeger informatie uitgewisseld werd met tekst en uitleg, is zo’n contact moment vaak (ogenschijnlijk) niet meer nodig, als informatie uit het dossier direct toegankelijk wordt. Het EPD kan een bijdrage leveren aan de kwaliteit van zorg, maar een garantie is het dus niet. Wettelijke regeling komt te vroeg De vraag is of eventuele gevaren van het EPD allemaal wel even goed doordacht en onderkend zijn. Een wettelijke regeling moet die gevaren wel onderkennen. De regeling en zeker in deze vorm komt daarom te vroeg. Uit de brief van de KNMG blijkt dat zij weliswaar vindt dat het EPD kan bijdragen aan de kwaliteit van zorg, maar daarnaast ook van mening is dat het landelijk EPD eerst goed moet worden uitgetest, voordat er een wettelijke regeling wordt ingevoerd. Volgens de brief is het huidige voorstel nog teveel gericht op het Landelijk Schakelpunt (LSP) en te weinig is toegesneden op recente ontwikkelingen. Zij pleit er jusit voor dat de ervaringen van de veldpartijen in de komende jaren gebruikt kunnen worden om tot (betere) wetgeving te komen. Dit wijst veel meer op een pleidooi om te wachten met wetgeving, en dus niet in te stemmen met het huidige voorstel. Zorgvisie heeft de brief van de KNMG derhalve onjuist geïnterpreteerd.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels